Gemeentebestuur
Deontologische code gemeenteraad 


| Deontologische code van de gemeenteraad |
|
|
|
|
1. HET STATUUT VAN DE CODE Art. 1. De deontologische code inzake dienstverlening aan de bevolking is het geheel van beginselen, gedragsregels en gebruiken die de politici en al hun medewerkers, en elke derde persoon die in hun opdracht handelt, als leidraad nemen bij hun dienstverlening aan de bevolking. De bepalingen van de deontologische code gelden ook voor groepen van politici die aan collectieve dienstverlening doen. 2. LOYALITEIT Art. 2. §1. Politici zijn loyaal aan het beleid en aan de gemeentelijke organisatie. §2. Politici vertolken op een loyale manier de genomen beleidsbeslissingen. §3. Rechtmatig en correct genomen beslissingen van de gemeentelijke administratie, worden door de politici verdedigd t.o.v. derden. 3. OBJECTIVITEIT Art. 3. §1. Het is onontbeerlijk dat de politici neutraal, objectief, en dus onpartijdig te werk gaan. Zo alleen kan het onderlinge vertrouwen verder groeien en wordt de meest solide basis voor een open en eerlijke communicatie gelegd. §2. Politici moeten aan de ambtenaren de ruimte geven hun opdrachten waar te maken. Hierbij moeten ze oog hebben voor de technische en inhoudelijke kennis van de ambtenaren en voor hun ervaring door het dagelijkse contact met het werkveld. §3. Politici moeten de inbreng van de ambtenaren bij de beleidsvoorbereiding stimuleren met aandacht voor het responsabiliseren van ambtenaren. §4. Uit directe contacten met de burger kunnen vragen om informatie of dienstverlening voortvloeien, doch deze mogen niet leiden tot voorkeursbehandeling of onregelmatige beslissingen. Het bespoedigen van het ene dossier houdt immers automatisch het vertragen van de behandeling van een ander dossier in. §5. De politici brengen de burger op de hoogte van de werking van het afgesproken klachtenbehandelingssysteem en geven de klacht door aan de bevoegde ambtenaar voor registratie en opvolging. §6. In de communicatie naar de burger en naar de media zullen politici erover waken dat de gegeven informatie volledig en juist is. 4. SPREEKRECHT EN SPREEKPLICHT Art. 4. §1. Politici brengen respect op voor elkaars standpunten en respecteren elkaars spreekrecht en spreekplicht. Feitelijke informatie moet daarbij steeds correct, volledig en objectief worden gepresenteerd. §2. Politici kunnen informatie van burgers ontvangen en dit aan het gemeentebestuur doorgeven, of openbare informatie van en over de gemeente aan burgers verstrekken.
§3. Als politicus gaat men zorgvuldig en correct om met informatie waarover men beschikt vanuit het ambt. Men verstrekt geen geheime of vertrouwelijke informatie aan externen. Art. 5. §1. Van politici wordt professionalisme verwacht. §2. Van de politici wordt verwacht dat zij voldoende lange termijn denken aan de dag zullen leggen en zich boven de kleine dagdagelijkse praktijk kunnen stellen om de noodzakelijke strategische visievorming tot stand te kunnen brengen en een strategisch beleid daadwerkelijk gestalte te geven. §3. Politici met een uitvoerend mandaat maken voldoende tijd vrij om hun mandaat uit te oefenen. Ze plegen op geregelde tijdstippen overleg met de leidinggevende ambtenaren waarbij ze de nodige sturing geven op vlak van de beleidsuitvoering en samen met de ambtenaar instaan voor de voortgangsbewaking en evaluatie van het beleid. §4. Politici zullen zowel naar het personeel als naar de burger de nodige stiptheid aan de dag leggen in het uitoefenen van hun verantwoordelijkheden. Ze zullen de betrokkenen juist inlichten over het tijdsbestek en het verloop van de procedures en over eventuele vertragingen. 6. OBJECTIEVE KLANTGERICHTHEID Art. 6. §1. Politici laten in hun handelen steeds het algemeen belang boven het particulier belang primeren. Het is immers hun gezamenlijk doel om een kwaliteitsvolle en burgergerichte organisatie na te streven, wars van individueel favoritisme. Politici staan in dienst van de gemeenschap en zullen de burger in de complexe regelgeving maximaal begeleiden naar een bevredigend resultaat. §2. Bij hun optreden in en buiten het gemeentebestuur en in hun contacten met individuen, groepen en instellingen geven de politici voorrang aan het algemeen belang boven het individueel belang en vermijden ze elke vorm van belangenvermenging. §3. Men verwijst de burgers met individuele dossiers door naar de bevoegde gemeentelijke diensten, tenzij men hierin een eigen en specifieke bevoegdheid heeft. §4. Men mengt zich in principe niet in individuele dossiers (bv. individuele personeelsaangelegenheden) tenzij men een specifieke bevoegdheid heeft. §5. Politici kunnen de burgers ondersteunen en begeleiden in hun relatie met de administratie : zij kunnen de burgers helpen om, via de daartoe geëigende kanalen en procedures, een aanvraag te richten tot de overheid, informatie te krijgen over de stand van zaken van een dossier, daarover verdere uitleg en verantwoording te vragen en voorafgaande vragen te stellen over de administratieve behandeling van dossiers. §6. De politici moeten op dezelfde gewetensvolle manier ten dienste staan van alle burgers die op hun dienstverlening een beroep doen, zonder onderscheid van geslacht, sociale stand, nationaliteit, filosofische overtuiging, partijvoorkeur of persoonlijke gevoelens jegens hen. §7. Tussenkomsten van politici met de bedoeling de toewijzing of de uitvoering van contractuele verbintenissen met de overheid te beïnvloeden, zijn verboden. §8. Alle vormen van schijndienstbetoon, waarbij politici bewust maar onterecht de indruk wekken dat zij bij de goede afloop van een dossier daadwerkelijk tussenbeide gekomen zijn, zonder dat de betrokken burger om een tussenkomst heeft gevraagd, zijn niet toegestaan. §9. Alle vormen van ongevraagd dienstbetoon, waarbij politici wel degelijk daadwerkelijk optreden om de goede afloop van een dossier te waarborgen, maar zonder dat de betrokken burger daarom gevraagd heeft, zijn niet toegestaan. §10. De politici maken in hun verkiezingscampagnes en mailings die gericht zijn op individuen, geen melding van de diensten die zij eventueel voor de betrokkenen hebben verricht. In geen geval mogen zij de indruk wekken dat zij om een stem vragen in ruil voor bewezen diensten. Zij mogen in hun verkiezingscampagnes die gericht zijn op het algemeen publiek, bijvoorbeeld in huis-aan-huis-folders en advertenties, wel in algemene termen hun dienstvaardigheid, luisterbereidheid en aanspreekbaarheid vermelden. §11. Bij openbare onderzoeken, vergunningsaanvragen, opmaken van bezwaarschriften zullen de politici zich volledig afzijdig houden en bij eventuele vragen van burgers hen systematisch doorverwijzen naar de secretaris en/of naar de bevoegde gemeentelijke diensten. 7. WETTELIJKHEID / CORRECTHEID Art. 7. §1. Politici dienen bij elk optreden de wettelijke, reglementaire regels en lokale organisatieregels en afspraken te respecteren en na te leven. §2. Politici dienen altijd te handelen in overeenstemming met het huishoudelijk reglement, de richtlijnen, wetten, decreten, reglementen en verordeningen die van toepassing zijn op het grondgebied van de gemeente. §3. Politici engageren zich ertoe om geen vragen tot dienstverlening aan ambtenaren te richten waarvan ze weten dat deze ingaan tegen de vastgestelde regels. 8. RESPECT Art. 8. §1. Respect voor de persoonlijke waardigheid van iedereen, jegens elkaar en onderling is de basishouding bij elk contact. Respect in elke relatie moet leiden tot wederzijdse aanvaarding en waardering. Dit moet op zijn beurt leiden tot een goede communicatie en acceptatie. Om respectvol met elkaar te kunnen omgaan moeten alle partijen open en eerlijk zijn jegens elkaar. §2. Politici respecteren de persoonlijke waardigheid in hun relatie met de personeelsleden, ongeacht de respectievelijke functies die ze elk bekleden. §3. Politici respecteren de persoonlijke waardigheid in hun relatie met de burger, ook bij niet eensgezinde standpunten. §4. Politici respecteren de persoonlijke waardigheid in hun onderlinge contacten ongeacht de politieke ideologie. 9. NALEVING Art. 9. De naleving van deze deontologische code veronderstelt openbaarheid als middel om ongeoorloofde tussenkomsten te verhinderen en om ongewenst gedrag of optreden te voorkomen of aan te pakken. Daartoe zal de deontologische code gepubliceerd worden in het infoblad en op de website. De deontologische code zal op eenvoudig verzoek aan iedereen overhandigd worden. |
| Agenda is leeg |
Gemeente Alveringem
Sint-Rijkersstraat 19